Nieuws Agenda Over Ons Bibliotheek Over Harderwijk Over Hierden Wereldoorlogen Onze partners
Home Contact

Het ontstaan


HET ONTSTAAN

Historisch onderzoek aangaande het dorp heeft nauwelijks plaatsgevonden. Over het ontstaan van Hierden is nog niet veel bekend.

De naam “Heyrde” komt voor in een document uit 1331 van graaf Reinald II van Gelre. Hierin wordt over een dorp gesproken.


In de 15e eeuw komen namen uit Hierden in sommige aktes voor. We lezen bijvoorbeeld dat in 1440 de geërfden (eigenaren) in de Oostermeden toestemming verleenden aan de Schepenen en Raad van Harderwijk om twee sloten te graven door de meden, vanaf de Rumels tot aan zee. In dezelfde tijd worden de volgende namen van kampen en erven genoemd: Boemackers (1470), Boesenkamp (1477), Crommenmede (1454), Dornencamp (1499), Hagenskamp (1456), Pepererve en Grevenhoeve. De laatste twee zijn in bezit geweest van de graaf van Gelre.


Van sommige percelen weten we het gebruik. De Ossenweide, gelegen in de Oostermede was hooiland; de Crommenmede ook, terwijl in de Hierderenbroeck akkers lagen waarop haver verbouwd werd. Op de Hierderenk werd rogge verbouwd.


Uit een overeenkomst uit de 16e eeuw weten we dat “de Duynen” bewoond waren. Er wordt gesproken van een erf met huis, hof, schuur en schaapskooi. We lezen ook over grensgeschillen tussen Hierden en Leuvenum over het gebruik van het Hierder- en Leuvenumseveld voor schapen en koeien. De bewoners haalden van deze velden jonge heide en struiken voor strooisel.

De geschillen over het gebruik met de omliggende dorpen en buurten bleven tot omstreeks 1700 de kop opsteken.


In de 16e eeuw werden zuidelijke bouwlanden en hofsteden op de enken min of meer bedreigd door zandverstuivingen.

Er werden toen verschillende maatregelen genomen tegen het steken van plaggen in het Hierderveld om dit tegen te gaan.

Er werden ook zandweringen opgetrokken. Hierdenaren moesten elders hun plaggen ophalen.


In 1650, benoemden de Staten van het Kwartier Veluwe een zandgraaf, die toezicht op de zanden moest houden.

Hij liet schuttingen plaatsen en bomen poten. De kosten waren voor de geërfden, maar niet iedere grondeigenaar wilde hieraan meebetalen, maar werden door ordonnantiën wel gedwongen.


In 1658 besloot stadsbestuur van Harderwijk om in Hierden een schoolkerkje te bouwen aan de Wouterskampen.

Burgemeester J van Ingen betaalde de kosten. De eerste catechist was Anthoni Caroli (1659).Zijn traktement was 6 à 7 mud rogge van de Erven Hierden. Daarnaast kreeg hij van de Armenzolder en van het Melatenhuis elk 30 gulden en van het Pesthuis 25 gulden.

In het lidmatenboek van de Kerk uit 1667 vinden we bijvoorbeeld de volgende namen met de plek waar ze woonden. “Geertien Elijs, vrouw van Rijk Bessels op de eerste brinck; Willemtien Jans, de dochter aen de derde brinck aen de lincker kandt van de school”.


In 1741 kreeg Hierden een eigen dominee en een eigen kerkgebouw. Het schoolcatechisatielokaal werd verbouwd tot kerk.

Dominee Johannes van Bommel was de eerste predikant.


Op 10 november 1700 werd besloten “de eerste, tweede derde Hierder brinck te planeren en bepoten en de aenschoten te verkopen”. Uit deze mededelingen zou opgemaakt kunnen worden dat Hierden vroeger uit drie brinken bestond. Hoe deze gelegen hebben is onbekend.


In 1851 werd een nieuwe kerk gebouwd. Het was een zgn. zaalkerk, een rechthoekig gebouw. In 1903 kreeg de kerk een orgel. Op een plaquette onder het orgel staat: “Ter dankbare herinnering aan al de gevers; in het bijzonder aan Jonkheer C.J. Sandberg van Essenburg, H. Ardelerhof en J.M. van Voorst van Beest. Hierden. 11 oct 1903. In wijdingstekst Psalm 98:5, 6.” In 1937 werd deze kerk verbouwd tot een kruiskerk.